Press "Enter" to skip to content

Verticale landbouw deel 9

Verticale landbouw deel 9


Groei van bladeren, stengels en wortels.

De groei van de plant kun je verdelen in twee delen. Je hebt de vegetatieve en de generatieve groei.


In een omgeving waar de landbouw goed geregeld is (zoals in verticale landbouw), wordt de groei van de plant bepaald door hoeveel licht de plant kan opvangen. Dit hangt af van hoe groot het bladoppervlak is dat het licht kan vangen. Het blad moet goed kunnen werken. In verticale landbouw moet het licht overal goed bij de plant kunnen komen, zodat de plant het licht goed kan opvangen. Om dit te bereiken, moet de hoeveelheid licht die de plant per dag krijgt groter worden als de plant groeit. Je kunt ook de afstand tussen de planten veranderen naarmate de plant groter wordt en meer bladeren krijgt.

Vooral als de planten jong zijn, is het goed als ze veel bladeren krijgen. Zo kunnen ze zoveel mogelijk licht opvangen, aan fotosynthese doen en goed groeien. Waarom is dit belangrijk? Het licht dat de bladeren opvangen, zorgt voor de fotosynthese van alle bladeren samen. Of beter gezegd, van het totale oppervlak van alle bladeren.


Hoe water door de plant gaat

In planten gaat water van de ene plek naar de andere. Dat is logisch, want naast licht is water ook heel belangrijk. Daarom is het goed om te controleren hoe het water door de plant gaat. Wetenschappers noemen dit de hydraulische status van de plant.

Een plant moet stengels, bladeren of bloemen krijgen. Deze delen van de plant noemen we organen. Er is een idee in de wetenschap dat zegt dat de groei van deze organen wordt bepaald door de hydraulische status van de plant. Dit idee is eigenlijk een model in de wetenschap.

Wat bedoelen ze in de wetenschap met een model?

In de wetenschap is een model een weergave van de werkelijkheid. Als een wetenschapper of onderzoeker waarnemingen maakt, dan worden deze meestal gemaakt in een schema of overzicht. Elke verandering die je ziet, wordt opgeschreven of beschreven. Zo kun je terugkijken op je onderzoek. Maar je kunt ook aan de hand van de gegevens die je hebt verzameld berekeningen maken of modellen maken van wat er gaat gebeuren in de toekomst.


En dan weer terug naar uitbreiding van de organen van de plant. Dus uitbreiding van stengels en blad. Het overbrengen, of beter gezegd het aandrijven, van deze uitbreiding gebeurt door de turgordruk.

Op deze foto zie je een ballon die wordt opgeblazen in een papieren zak.

Beschrijving foto:
Op deze foto zie je hoe een ballon wordt opgeblazen in een papieren zak. Zo kun je ook de turgordruk zien. De papieren zak stelt dan de celwand voor van een plant.


In een plantencel werkt het een beetje hetzelfde. Het hangt er ook vanaf welke stoffen in de plant zitten of gemaakt worden. Sommige stoffen kunnen wel door de celwand heen en andere niet. Dit heeft invloed op de turgordruk. Dus samengevat zorgt de turgordruk ervoor dat de plant stevig is. En daarmee dus ook rechtop kan staan.

De cellen van mensen en dieren hebben geen celwand. Dus is er ook geen turgordruk. Verder zijn er andere verschillen tussen dierlijke en plantaardige cellen.

Behalve geen celwand hebben dierlijke cellen geen stevige buitenste laag. Ze hebben geen grote vacuole. Dit is een groot blaasje waarin water, zouten en andere stoffen worden opgeslagen. Dierlijke cellen hebben kleinere blaasjes voor opslag van stoffen.

En dierlijke cellen hebben geen plasticiden. Dit zijn simpel gezegd organellen waar de fotosynthese plaatsvindt. Het bekendste zijn de bladgroenkorrels.